Kort antwoord
Omnichannel productinformatie betekent dat kassa, schaplabel, folder, app, webshop en marktplaatsen hun productdata uit één PIM-bron halen, elk via een eigen kanaalprofiel met verplichte velden, waardelijsten en lengtegrenzen. Prijs en voorraad komen uit ERP en winkelsystemen, productinhoud uit het PIM. Leg per veld vast wie de bron is en publiceer per kanaal zodra dat kanaal compleet is.
Bouw omnichannel productinformatie in retail op één PIM-bron met een kanaalprofiel per afnemer. Het PIM-systeem bewaart de productinhoud, ERP en winkelsystemen leveren prijs en voorraad, en elk kanaal krijgt alleen de velden, waardelijsten en lengtes die het aankan. Leg per veld de bron vast en publiceer per kanaal zodra dat kanaal compleet is, zodat de webshop niet wacht op de folder of andersom.
Een klant scant in de winkel een schaplabel, opent de app en vergelijkt op bol. Ziet die drie keer een andere naam, inhoud of waarschuwing, dan wordt dezelfde productdata op drie plekken bijgehouden. De basisbegrippen staan in de woordenlijst omnichannel.
Welke kanalen voedt een retail-PIM?
Een retailer heeft meer kanalen dan een webwinkel, en ze verschillen sterk in wat ze vragen. De tabel geeft een indicatief overzicht; de exacte velden hangen af van je systemen.
| Kanaal | Kernvelden uit het PIM | Komt uit ander systeem | Formaatbeperking |
|---|---|---|---|
| Kassa | GTIN, korte productnaam, btw-categorie | Prijs, actie | Korte naam met lengtegrens van het kassasysteem |
| Schapetiket en ESL | Korte productnaam, netto-inhoud, eenheid | Verkoopprijs, eenheidsprijs | Beperkte ruimte op het label |
| Folder en print | Titel, kernpunt, beeld, logo | Actieprijs, actieperiode | Opmaak per pagina |
| App en webshop | Titel, beschrijving, filters, beelden, relaties, GPSR-velden | Prijs, voorraad per winkel | Eigen datamodel |
| bol | EAN, GPC voor nieuwe producten, chunk-attributen, assets | Prijs en voorraad via offer | Waarden uit de lov, beperkte HTML |
| Google Merchant Center | id, title, description, image_link, brand, gtin | price, availability | Titel 150, beschrijving 5000 tekens |
Elektronische schaplabels (ESL) maken het verschil tussen winkel en online kleiner, omdat een wijziging in naam of inhoud direct op het schap kan verschijnen. Dat vergroot ook de impact van een fout: een verkeerde netto-inhoud leidt tot een verkeerde eenheidsprijs in elke winkel tegelijk.
Waarom heeft elk kanaal een eigen profiel nodig?
Een kanaalprofiel legt per afnemer vast welke attributen verplicht zijn, welke waardelijsten gelden, welke lengtegrenzen en welke omzetting nodig is. Het PIM-systeem rekent daarmee de volledigheid per kanaal uit en publiceert alleen wat aan het profiel voldoet.
Neem de productnaam. GS1 Nederland omschrijft de korte productnaam (veld 3.039) als de naam voor de datapool, de kassa en het schap. Die moet dus kort genoeg zijn voor een kassabon en duidelijk genoeg voor een schaplabel. Voor de webshop en bol heb je een tweede, langere titel nodig: bol vraagt 30 tot 150 tekens met merk, productgroep en kenmerken, Google staat maximaal 150 tekens toe. Beheer beide als aparte attributen, elk met een eigen lengtecontrole.
Bij bol bevat het profiel ook de chunk van de categorie. Het bol-datamodel kent ruim 4000 classificaties, wordt dagelijks bijgewerkt en wijst waarden buiten de waardelijst af. Je profiel moet dat datamodel dus regelmatig ophalen. Voor feeds naar advertentiekanalen en prijsvergelijkers, zie productfeeds beheren.
Wie is bron van welk veld?
Omnichannel mislukt meestal op eigenaarschap. Drie systemen claimen hetzelfde veld, of niemand voelt zich verantwoordelijk. Leg per veldgroep één bron vast:
- PIM-systeem: productinhoud, classificatie, filterwaarden, titels, beschrijvingen, beelden, relaties en wettelijke productinformatie zoals fabrikantgegevens en waarschuwingen.
- ERP of prijsengine: verkoopprijs, actieprijs, prijshistorie voor de vorige prijs bij korting, inkoopcondities en btw-tarief.
- Winkel- en voorraadsystemen: voorraad per vestiging, schaplocatie en afhaalmogelijkheid.
- Leverancier via datapool of portal: afmetingen, gewicht, netto-inhoud en verpakkingshiërarchie, die het PIM ontvangt en doorgeeft.
GS1 Nederland meldt voor doe-het-zelf, tuin en dier dat inkoopprijzen via een apart GS1-prijsbericht lopen en buiten de datapool blijven. Dat bevestigt de scheiding: productinhoud en prijs volgen elk hun eigen route. De koppeling tussen PIM en ERP staat uitgewerkt op pimsysteem.nl.
Hoe breng je winkel en online samen in productdata?
Online en winkel komen samen in drie gegevens: dezelfde identificatie, dezelfde inhoud en zichtbare voorraad per winkel. De GTIN is de gedeelde sleutel tussen kassa, distributiecentrum en webshop. Gebruik hetzelfde artikel-id in de online productfeed en in de lokale voorraadfeed; Google vraagt voor lokale voorraad per artikel een id, een store_code en de beschikbaarheid, en voor afhalen in de winkel een pickup_sla.
Varianten verdienen aandacht. Google vraagt een item_group_id van maximaal 50 tekens om varianten te groeperen en adviseert de ouder-SKU. In de winkel staat elke variant los op het schap met een eigen GTIN. Je PIM-model moet dus beide aankunnen: een productfamilie voor online en losse artikelen voor de winkel.
Op de verpakking zelf kondigt zich een volgende stap aan. GS1 beschrijft met GS1 Digital Link de visie van één multifunctionele 2D-barcode die aan de kassa wordt gescand en de consument tegelijk naar online productinformatie leidt, waarbij de merkeigenaar de gekoppelde content kan bijwerken zonder de verpakking te wijzigen. Volgens GS1 begint retail 2D-barcodes nu te adopteren. Een PIM-systeem dat de online productinformatie per GTIN beheert, is de logische bron achter zo'n link.
Hoe ziet een omnichannel publicatie er in de praktijk uit?
Voorbeeld: een drogisterijketen neemt een nieuwe zonnebrandcrème op. De leverancier publiceert het artikel via GS1 Data Source, met GTIN, merk, korte productnaam, netto-inhoud 200 ml en waarschuwingen. Het PIM-systeem van de keten ontvangt de publicatie en doorloopt per kanaal een eigen pad:
- Kassa en schap: de korte naam en de netto-inhoud gaan direct door, zodat de winkel kan bestellen en het ESL de eenheidsprijs per liter kan tonen zodra ERP de prijs levert.
- Webshop en app: de redactie voegt een titel, een beschrijving, filterwaarden zoals beschermingsfactor en huidtype en een sfeerbeeld toe. Publicatie volgt als de webshopscore compleet is.
- bol: het profiel controleert de chunk-attributen en waardelijsten en levert per taal aan, met nl voor Nederland en Vlaanderen.
- Folder: het artikel komt in de zomerfolder via een printkoppeling, met beeld en kernpunt uit het PIM en de actieprijs uit ERP.
De productnaam en waarden in dit voorbeeld zijn illustratief. Voor folders zijn gespecialiseerde systemen beschikbaar: COMOSOFT LAGO koppelt PIM-data aan Adobe InDesign voor SKU-gebaseerde folderopmaak.
Welke regels gelden in elk kanaal tegelijk?
Sommige verplichtingen gelden in winkel en online gelijk, en daar is één bron het meest waard. Richtlijn 98/6/EG verplicht de verkoopprijs en de eenheidsprijs, ook in advertenties met een prijs. Het PIM-systeem levert de netto-inhoud met eenheid; een fout daar verschijnt op het schap, in de folder en online tegelijk.
Voor verkoop op afstand vraagt artikel 19 van de GPSR (Verordening (EU) 2023/988, van toepassing sinds 13 december 2024) fabrikantgegevens, productidentificatie met afbeelding en waarschuwingen in begrijpelijke taal. Bewaar die velden één keer en geef ze door aan webshop, app en marktplaatsen. Dit is algemene informatie en geen juridisch advies. Hoe dit voor levensmiddelen werkt, met allergenen via GS1, lees je bij GS1 GDSN en GS1 Data Source.
Het overzicht van retail-PIM staat op PIM voor retail, en de verrijking per kanaal in productdata verrijken in retail.
Belangrijkste punten
- Eén PIM-bron met een kanaalprofiel per afnemer voorkomt dat kassa, schap, app, webshop en bol elk een eigen versie van een artikel tonen.
- Beheer een korte productnaam voor kassa en schap en een lange titel voor webshop en bol als aparte attributen.
- Leg per veldgroep één bron vast: PIM voor inhoud, ERP of prijsengine voor prijs, winkelsystemen voor voorraad per vestiging.
- Gebruik dezelfde identificatie in online en lokale voorraadfeeds, en ondersteun zowel productfamilies online als losse GTIN's op het schap.
- De netto-inhoud voor de eenheidsprijs en de GPSR-velden gelden in alle kanalen; valideer ze één keer bij de bron.
Veelgestelde vragen
Wat is omnichannel productinformatie in retail?
Omnichannel productinformatie is productdata die uit één bron alle verkoop- en communicatiekanalen voedt: kassasysteem, schapetiket of elektronisch schaplabel, folder, app, webshop, marktplaatsen en advertentiekanalen. Elk kanaal krijgt via een kanaalprofiel de velden en formaten die het nodig heeft. De klant ziet zo in de winkel, in de app en online dezelfde naam, inhoud, kenmerken en waarschuwingen.
Hoort de prijs in het PIM-systeem van een retailer?
Meestal niet als bron. Verkoopprijs, actieprijs en prijshistorie komen uit het ERP of een prijsengine, omdat ze per winkel, per periode en per actie verschillen. Het PIM-systeem beheert wel de netto-inhoud en eenheid waarmee de eenheidsprijs wordt berekend. Voor de vorige prijs bij korting geldt de laagste prijs van de dertig dagen ervoor, en die historie hoort in het prijssysteem.
Hoe toon je winkelvoorraad online vanuit productdata?
Koppel de productdata uit het PIM aan een voorraadfeed per winkel. Google Merchant Center vraagt voor lokale voorraad per artikel een id, een winkelcode (store_code) en de beschikbaarheid. Voor afhalen in de winkel is daarnaast pickup_sla verplicht. Een prijs per winkel lever je alleen mee als die afwijkt. Het id moet gelijk zijn aan het id in de online productfeed.
Welke velden heeft een elektronisch schaplabel nodig?
Een schaplabel toont doorgaans een korte productnaam, de verkoopprijs, de eenheidsprijs met eenheid en vaak een artikelnummer of barcode. De korte naam en de netto-inhoud komen uit het PIM-systeem, de prijs uit ERP of prijsengine. Richtlijn 98/6/EG verplicht naast de verkoopprijs de eenheidsprijs per kilogram, liter, meter, vierkante meter of kubieke meter, tenzij beide gelijk zijn.